Bataille actueel  
Column bij L1 Radio

Nacht van de Kleinkunst: Doe mee, kom kijken!



POLITIEKE MISÈRE IN DE STAD 

Er heerst misère in de stad. Fanfare Santa Politica schettert, tettert, knettert en toetert! Zo hard en soms ook zo vals dat het publiek massaal ervan wegvlucht of haar oren beschermt. Bijna 35 duizend mensen zijn niet eens komen kijken en, zeer vreemd, geen muzikant die daar van op kijkt! Alleen het dagelijks bestuur siddert en beeft bij de gedachte dat een groot deel van hen wel het plein optrekt als in juni de Brassbrand Bruut het veld betreedt.

Liefhebbers van het verfijnde werk schrijven daar over, maar het lijkt wel of niemand daar oor of oog voor heeft.

Er heerst grote vermoeidheid in de stad.

De uitslag van de jongste koortsmeting toont verwarring, chronische vermoeidheid en volslagen gebrek aan creatieve inzet en spelplezier.

De kakelbont dracht van de musici lijkt niet eens op een fraaie carnavalsgroep en vloekt net zo hevig als hun vals hard muziekwerk tettert en knettert.

Op een uitzondering na hebben alle musici respectievelijk verkeerde partijen ingestudeerd, verkeerde instrumenten meegebracht of zelfs hun huiswerk helemaal niet gemaakt.

Een teleurgestelde burgemeester druipt in stilte af en breekt knarsetanden zijn dirigeerstokje. Twitterende liefhebbers van het verfijnde werk proberen hem steun te betuigen, maar even hoeft dat niet meer voor hem.

“Kijk daar papa!” Een kind wijst naar een groot aanplakbord.

“Dat waait vanzelf om!” bromt de ouder en doet even een plas achter een omgevallen boom.

“Het was een slechte campagne”, zegt de geestelijk adviseur, die door ziekte een paar cruciale maanden niet inzetbaar was.

“Misschien was er, als je sjaals, foldertjes, kaartjes, affiches, ballonnen, frutsels en fratsels niet meetelt, niet eens sprake van een campagne? Anders vertel mij dan eens op welke manier, en waar, er leven in de brouwerij was? Ging niet elke speler gewoon vooral eenkennig, voor zichzelf?”

Buiten waait een rode ballon voorbij. Hij roept haar na:

“Of hebben jullie iets ondernomen om voor een breed publiek te debatteren over spraakmakende muziek en nieuwe partituren?”

Hij veegt zijn tranende ogen droog en vervolgt:

“Nee, even serieus, is het geen veeg teken dat de coalitiepartners, uit eigen beweging niets hebben ondernomen om zich met het beleid van de afgelopen vier jaar te profileren of te verantwoorden? Men liet zelfs na om samen te “solliciteren” voor een volgende periode. Nou, dan kun je het psychologische effect toch wel raden!”

Alweer een politiek dag breekt aan.

De burgemeester vertelt dat bij de kassa's, in de wachtkamers, de kroegen en de gemeenschapshuizen het oude denken telkens weer werd bevestigd:

“Kijk, daar heb je de toeteraars weer! Vier jaar zie je ze niet en nu komen ze de hoer spelen om mijn stem te vangen.”

De geestelijke adviseur leest de ergernis van de burgemeester, maar vraagt toch:

“Nou, klopt dat niet? Zelfs bij mijn post zaten gezichten die ik nooit eerder zag en van anderen snuiten meende ik dat ze allang verhuisd waren. Ik ken ze niet, wie van hen is uit eigen beweging onderweg geweest naar dit puibliek?”

Dan gaat de bel. De adviseur opent zijn voordeur en kijkt verrast.

Zijn neef uit Heiligerlee staat aan de deur met Marcel van Dam´s boek “Niemandsland” in zijn handen. Hij loopt langs hem heen naar binnen en zegt, alsof hij al ´n poos aan het gesprek deelnam;

“Het is toch niet naïef om progressieve partijen aan te spreken op hun praktische sociale bewogenheid en betrokkenheid? Alle activisten van deze partijen zouden toch op moeten vallen door hun gedrevenheid om zelf gekozen onderzoeksonderwerpen uit te vissen? Het resultaat van hun zelf gekozen contacten met de diverse doelgroepen zou toch op hun tong moeten branden? Ze zouden toch met liefde moeten spreken over hun aantoonbare betrokkenheid bij actiepunten die burger(s) bezig houden?”

Er valt een lange stilte.

© Ger Bertholet